U bent hier: Instituut voor strafrecht Nieuws

Nieuws

 

Evenementen

 

  • 2012-05-07: Discussion with prof. James Q. Whitman (Yale)
    On Monday May 7th, our researchers had a session with prof. James Q. Whitman of Yale Law School (http://www.law.yale.edu/faculty/JWhitman.htm), during which he talked about his books Harsh Punishment (http://www.oup.com/us/catalog/general/subject/Law/CriminologyandCriminalJustice/PrisonsPunishment) and The Origins of Reasonable Doubt ( http://yalepress.yale.edu/book.asp?isbn=9780300116007 ) . He analyzed a number of defining features of the US criminal justice system and in particular of US criminal procedures, which should be taken into account by researchers working with comparisons between Europe and the US.
     

  • 2012-03-20: Postacademische Vorming KU Leuven-Kulak - te Kortrijk
    "Gedetineerd. Maar hoe (lang)? Externe en interne rechtspositie van de gedetineerde" met o.a. Yves Van Den Berge
    Klik hier voor meer informatie
     
  • 2012-03-06: Lunchen met justitie:
    "Hoor wie klopt daar, kinderen? Wat mag nu wel en wat niet bij huiszoekingen?", met Ann Bailleux en Philippe Van Linthout
    Klik hier voor meer informatie (pdf)
  • 2011-11-25: Lunchen met justitie
    "Evoluties in drugsgebruik en de rol van hulpverlening en justitie"
    Klik hier voor meer informatie (pdf)

  • 2011-06-22: Lunchen met justitie
    "Integrale jeugdhulpverlening =
    Het Vlaams jeugdhulpbeleid: wegwerken van hindernissen tussen de grote sectoren om te komen tot een vraaggerichte en doeltreffende aanpak"
    Klik hier voor meer informatie (pdf)

  • 2011-05-27: B-CCENTRE (Belgian Cybercrime Centre) launching conference on the topic of Critical Information Infrastructure Protection (CIIP) in Belgium and Europe
    Klik hier voor meer informatie

  • 2011-05-11: Lunchen met justitie
    "Parketpret zonder verzet?"
    De uitbreiding van de 'minnelijke schikking' als 'revolutie bij amendement'
    Klik hier voor meer informatie (pdf)

  • 2011-03-10: Lunchen met justitie
    "Clandestino! … Mi destino?"
    Wanneer wordt hulp aan mensen zonder verblijfsrecht strafbaar?
    Klik hier voor meer informatie (pdf)

  • 2011-03-01: Seminar "From a Greek Temple to a Wall of Laments? The post-Lisbon EU and Criminal Justice Policy"
    by prof. C. Harding
    Klik hier voor meer informatie (pdf)

  • 2011-03-18: VRG-alumnidag, Lezing: "De strafbare deelneming (artikelen 66-69 Sw.): overzicht van rechtspraak 2000-2010" (Dr. Jan Vanheule)
    http://www.law.kuleuven.be/alumni/

  • 2010-12-01: Lezing "Shujaa Graham, Onschuldig ter dood veroordeeld"
    n.a.v. internationale actiedag tegen de doodstraf in samenwerking met Sant'Egidio
    Klik hier voor meer informatie (pdf)

  • 2010-10-26: Lunchen met justitie
    "Klachten over justitie"
    Klik hier voor meer informatie (pdf)

  • 2010-04-29: Lunchen met justitie
    "Psychopathie ontmaskerd: begrip, oorzaken, herkenning en aanpak"
    Klik hier voor meer informatie (pdf)

  • 2010-03: Themis Postacademische juridische vorming
    Vormingsonderdeel 3 Straf- en strafprocesrecht
    In Leuven, Kortrijk, Brussel en Hasselt
    Klik hier voor meer informatie

  • 2010-03-30: Lunchen met justitie
    "Hulp- en dienst verleningsaanbod van de Vlaamse Gemeenschap in de gevangenissen. Zinvolle invulling van detentietijd?"
    Klik hier voor meer informatie (pdf)

  • 2010-02-19: Studiedag "Nieuwe bevoegdheden voor de inlichtingendiensten: de Wet op de Bijzondere Inlichtingenmethoden".
    Het colloquium richt zich uitdrukkelijk op alle betrokken partijen, gaande van leden van de inlichtingen- en veiligheidsdiensten, van het openbaar ministerie of van de politiediensten tot advocaten, artsen en journalisten. Zodoende wordt een breed perspectief geboden op de toekomst van de Belgische inlichtingen- en veiligheidsdiensten in het algemeen en op de BIM in het bijzonder. Inschrijven kan via de website van LINC
    Klik hier voor meer informatie (pdf).

  • 2009-12-14: Openbare verdediging door Jan Vanheule van zijn proefschrift tot het verkrijgen van de graad van doctor in de rechten:
    "Strafbare deelneming: tussen hamer en aambeeld"

  • 2009-12-09: Lunchen met justitie
    "Schuldhulpverlening"
    Klik hier voor meer informatie (pdf)

  • 2009-12-04: LINC-seminarie: Tom Daems over "De Bestraffingssociologie van David W. Garland"
    Klik hier voor meer informatie (pdf)

  • 2009-10-8: Lunchen met justitie
    "Elektronisch toezicht: strafuitvoering in de samenleving"
    Klik hier voor meer informatie (pdf)

  • 2009-06-23: Lunchen met justitie
    "De neus van Pinocchio? De polygraaf: praktische mogelijkheden en juridische grenzen"
    Klik hier voor meer informatie (pdf)

  • 2009-06-12: Openbare verdediging door Jana Arsovska van haar proefschrift tot het verkrijgen van de graad van doctor in de criminologische wetenschappen:
    ""Understanding a 'Culture of Violence and Crime': the Role of Cultural Codes in the Evolution of Ethnic Albanian Organised Crime Groups"
    Klik hier voor meer informatie

  • 2009-04-28 - uitgesteld naar 2009-05-14: Lunchen met justitie
    "Veiligheid in de ziekenhuizen"
    Klik hier voor meer informatie (pdf)

  • 2009-03-13: Lunchen met justitie
    "Partnergeweld: op weg naar nieuwe interventies"
    Klik hier voor meer informatie (pdf)

Top

Recente publicaties

Top

Weetjes

  • Ereteken voor prof. em. Lieven Dupont
    Buitenlandse Zaken deelt mee dat het Belgisch Staatsblad van 10 juli 2009 de lijst publiceert van de burgerlijke eretekens die bij koninklijke besluiten van 6 juli 2009 werden verleend in het kader van het koninklijk besluit van 10 februari 2003:
    ‑ Grootofficier in de Kroonorde: de heer Lieven DUPONT. Professor Lieven DUPONT is emeritus hoogleraar van de Katholieke Universiteit Leuven, gewezen voorzitter van de "Commissie Basiswet Gevangeniswezen en Rechtspositie van Gedetineerden", die in 2005 leidde tot de gelijknamige wet ("de Wet Dupont"). Hij was medegrondlegger en eerste voorzitter van het tijdschrift "Panopticon" en is laureaat van de Prijs van de Liga voor de Rechten van de Mens en van de "Grand Prix Condorcet".

  • EU Fundamental Rights Agency presents report on child trafficking in the EU: EU must do more to fight child trafficking
    On 7 July, the EU Fundamental Rights Agency (FRA) released a new report on 'The role of the European Union in the fight against child trafficking'. Many children fall victim to trafficking every year. There are extremely low numbers of convictions in child trafficking cases. Overall, the report finds that the EU must do more to address the issue. The FRA calls for better legislation to combat child trafficking. The protection and care for victims, in particular, must be improved.
    FRA Director Morten Kjaerum: "Human trafficking is part of the modern slave trade. Every year, a significant number of children in the EU fall victim to trafficking for sexual exploitation, labour exploitation, adoption and organ extraction. These are alarming signals. We must make every possible effort to protect and support these children".
    More. http://fra.europa.eu
    The Belgian Country report was drafted by Ken Van hoogenbemt, Tim Van hoogenbemt, Frank Verbruggen and Paul Lemmens
    Click here for the full-text version of the report (pdf-file)

  • Stef De Decker
    "Wordt uitstel afstel?"

    Tijdens de zomervakantie verschoof het parlement de uiterste datum voor de inwerkingtreding van zowat alle op stapel staande of reeds deels in werking getreden strafuitvoeringswetgeving naar 1 januari 2012 (art. 5 tot 8 van het Wetsontwerp houdende diverse bepalingen (II), Parl. St. Senaat 2007-08, nr. 4-846/3, 4-5 (klik hier voor de tekst), tekst ter bekrachtiging aan de Koning voorgelegd).
    Voor de nieuwe wetten over de terbeschikkingstelling van de strafuitvoeringsrechtbank en over de internering heeft u zelfs een zakrekenmachine nodig om deze datum te berekenen, want deze treden in werking “uiterlijk op de eerste dag van de vierenvijftigste maand na die waarin deze wet is bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad.”
    De regering haalt hiervoor twee redenen aan. Aan de ene kant zou de inwerkingtreding op die manier aansluiten op de realisatie van het Masterplan 2008-2012 voor de gevangenissen (zie hierover nochtans kritisch T. DAEMS, “Baksteen in de maag, steengruis in de nieren. De beleidsnota Justitie en het Masterplan 2008-2012 voor een gevangenisinfrastructuur in humane omstandigheden”, Panopticon 2008/4, (67) 71-72, te verschijnen (klik hier voor de tekst).
    De regering beseft aan de andere kant ook dat de strafuitvoeringsrechtbanken momenteel de flessenhals van de strafuitvoering zijn. In de Memorie van toelichting luidt het dat deze rechtbanken nog bijkomende bevoegdheden toekennen daarom niet wenselijk is, bij gebrek aan garanties “om de randvoorwaarden voor inzake organisatie, logistieke ondersteuning en personeelsbezetting te kunnen vervullen”. Dit standpunt is tot op zekere hoogte begrijpelijk: het is bezwaarlijk goed bestuur te noemen dat politici wetten maken en in werking laten treden terwijl de praktijk hiervoor niet klaar is.
    Anderzijds mogen praktische bezwaren ook niet teveel gewicht krijgen; er zijn onmiskenbaar conservatieve reflexen in elke bureaucratie en soms moet men praktijk gewoon dwingen om de werking aan te passen aan de nieuwe regels. Op dat punt valt trouwens te vrezen dat de aangekondigde “evaluatie” van de al in werking getreden bepalingen van Basiswet gevangeniswezen en rechten van gedetineerden een eufemisme is voor het “onder druk van de vakbonden terugdraaien van minimumrechten” (Beleidsnota Justitie, onder punt 3.1.6. (klik hier voor de tekst). Hopelijk wordt dit – aanzienlijke – uitstel geen afstel.
  • F. Verbruggen en V. Franssen
    "Europa en strafrecht: wat nu? Scheepsvervuilingszaak"
    Nadat het Europees Hof van Justitie in 2005 (zaak C-176/03) had beslist dat de Europese Gemeenschap (en niet de nationale regeringen verenigd in de intergouvernementele derde pijler van de Unie) in Gemeenschapsmateries de lidstaten kon verplichten hun strafrecht aan te passen, rees de vraag in welke gebieden dat kan en hoever de EG daarin kan gaan.
    Deze vragen heeft het Hof nu gedeeltelijk uitgeklaard in een nieuw Europees strafrechtarrest (zaak C-440/05). Aanleiding was een kaderbesluit waarmee de EU scheepsvervuiling harder wil aanpakken via het strafrecht. Samen met dit kaderbesluit werd ook een richtlijn aangenomen (zogenaamde dubbele of complementaire tekst-aanpak). Deze laatste bevat standaarden voor scheepsvervuiling en dwingt de lidstaten effectieve, evenredige en ontradende sancties voor de vervuilers te voorzien. Het kaderbesluit van zijn kant gaat verder en dwingt de lidstaten effectieve, evenredige en ontradende strafsancties in hun nationale wetgeving op te nemen. Het bepaalt tevens de soort strafsancties (gevangenisstraffen en geldboetes) en de lengte of hoogte van de maximumstraffen. Op basis van het arrest van 2005 meent de Commissie dat het kaderbesluit eigenlijk binnen de Gemeenschapsbevoegdheid valt en vraagt ze de vernietiging van het kaderbesluit.
    Het Hof van Justitie volgt de mening van de Commissie slechts gedeeltelijk. Het bevestigt dat de Gemeenschapswetgever, hoewel in principe niet bevoegd voor strafrecht, de lidstaten toch mag dwingen effectieve, evenredige en ontradende strafsancties in hun nationale wetgeving op te nemen wanneer dat nodig is om de effectiviteit van het Gemeenschapsrecht te waarborgen. Geldt dit voor alle domeinen van het Gemeenschapsrecht (zoals de Commissie meent) of enkel voor de bescherming van het leefmilieu (zoals de Raad uit het arrest van 2005 meent te kunnen concluderen)? Het kaderbesluit inzake scheepsvervuiling belangt in eerste instantie de Gemeenschaps­bevoegdheid inzake (maritiem) transport aan, maar beoogt daarnaast ook de bescherming van het leefmilieu. Het Hof beklemtoont deze band met leefmilieubescherming zeer nadrukkelijk. Bijgevolg lijkt het te vroeg om te besluiten dat de Gemeenschapswetgever in al zijn beleidsdomeinen strafsancties mag opdringen. Het Hof bepaalt dit keer wel duidelijk hoever de EG zich met strafrecht mag inlaten: strafsancties vereisen mag, de soort straf en de lengte of hoogte ervan bepalen niet. Daarmee volgt het Hof het advies van Advocaat-generaal Mazák.
    Voor de tekst van het arrest, klik hier. (pdf)
    Voor de tekst van het advies van Advocaat-generaal Mazák, klik hier. (pdf)
  • F. Verbruggen
    "EU-Hof ziet geen graten in Kaderbesluit Europees Aanhoudingsbevel"

    Het Arbitragehof krijgt een geruststellend antwoord op zijn vraag naar de verzoenbaarheid van het Kaderbesluit op het Europees Aanhoudingsbevel met het EU-verdrag.
    Het Hof in Luxemburg laat, in een arrest van 3 mei 2007, de Raad (van Ministers) de vrije hand bij de keuze van instrumenten om de nationale parlementen te dwingen tot het aanpassen van hun regels van (in dit geval) strafprocedures.
    Praktisch gezien betekent dit allicht het einde van Conventies in Titel VI van het EU-verdrag (de zogenaamde intergoevernementele Derde Pijler), die geratificeerd moeten worden door de nationale parlementen. Het gaat opnieuw om een onbetwistbare machtsgreep van Europees Brussel ten aanzien van de nationale parlementen van de lidstaten, maar vanwege de eenparigheid zal de nationale regering wel altijd ingestemd hebben met de Europese beslissing. Met zeventwintig lidstaten is de Raad natuurlijk al een klein parlement geworden.
    Vreemd genoeg werd het Europees Hof niet gedwongen om zich uit te spreken over de vraag of de toelating in het EU-Verdrag om te werken aan het "vergemakkelijken van uitlevering" (art.31, 1, b) EUV) ook het recht geeft om de uitlevering af te schaffen. Want daarmee ontnam de Unie in de meeste lidstaten, en alleszins bij ons, een bevoegdheid en verantwoordelijkheid aan de uitvoerende macht en draagt die over aan de rechterlijke macht.
    Het tweede - minder overtuigende - argument tegen het kaderbesluit, dat het legaliteitsbeginsel zou geschonden zijn, veegt het Hof ook van de tafel. Terecht stelt het vast dat de al dan niet strafbaarheid van het gedrag een zaak is voor de staat die de grond van de straf zal behandelen. Minder overtuigend, maar wel pragmatisch, is de vaststelling dat het uitzonderingsregime (geen toetsing van de dubbele strafbaarheid) als het EAB een misdrijf betreft uit het lijstje met 32 misdrijfcategorieën, geen discriminatie ten aanzien van andere, gewone misdrijven oplevert. Het Hof schaart zich achter de verantwoording van de Raad dat dit strafbare feiten zijn die "op zodanig ernstige wijze de openbare orde verstoren en de openbare veiligheid in gevaar brengen, dat weglating van de toetsing van de dubbele strafbaarheid gerechtvaardigd is". Het verband tussen de vermeende ernst van feiten (die voor "ernstige slagen en verwondingen", "vervalsen van administratieve documenten", "computercriminaliteit",... niet altijd zo ontzettend groot zal zijn) en het wegvallen van de controle van dubbele strafbaarheid, is niet zo vanzelfsprekend. Het Hof had het wegvallen van de controle moeten koppelen aan de verschillen tussen de strafwetten van de lidstaten, want die kleine verschillen zorgden dan immers voor problemen in de samenwerking. Pragmatisch als het Hof is, lijkt de kans groot dat het schrappen van de controle van de dubbele strafbaarheid zou worden aanvaard als evenredig en subsidiair achterpoortje voor de normaal aangewezen werkwijze: het voldoende afstellen van de strafbepalingen van de lidstaten.
    Het EAB was en is nodig in een hedendaagse EU. Het is inmiddels voor iedereen duidelijk dat het Hof in Luxemburg nooit een bondgenoot zal zijn van wie in het bijzondere regime van de Derde Pijler een bescherming ziet voor nationale soevereiniteit, tegen inmenging door de Europese instellingen. Voor de geloofwaardigheid van de Unie zou het niettemin beter zijn om inderdaad de instellingen duidelijk bevoegdheden te geven op dit vlak en werkbare beslissingmechanismes in te voeren, dan het "creatief omgaan met bevoegdheden en instrumenten" dat nu heeft gezegevierd. Uitkijken wat een mini-verdrag over de hervorming van de instellingen brengt....
    Klik hier voor de tekst van het arrest.
  • V. Franssen
    "Voorontwerp Vlaamse Milieuhandhavingsdecreet"

    Het kabinet van Minister Peeters heeft een voorontwerp van Milieuhandhavingsdecreet klaar. De tekst ligt momenteel voor bij de Raad van State voor advies en zou nog voor de zomer voor bespreking en goedkeuring aan het Vlaamse Parlement worden voorgelegd.
    Het voorontwerp stelt de harmonisatie van de handhavingsregels uit een aantal belangrijke milieuhygiënewetten en –decreten voor. Dit moet een aanzienlijke vereenvoudiging en betere handhaving van die regelgeving bewerkstelligen. Om het handhavingsbeleid te coördineren zal er ook een Vlaamse Hoge Raad voor de Milieuhandhaving worden opgericht. Hierin zullen alle betrokken handhavingsactoren vertegenwoordigd zijn.
    De voorliggende tekst kiest resoluut voor een hoofdzakelijk administratieve handhaving. De handhavingsinstrumenten zijn opgedeeld in bestuurlijke maatregelen en bestuurlijke sancties. De eerste kunnen steeds worden opgelegd door de bevoegde toezichthouders, los van een eventuele strafrechtelijke vervolging. De sancties worden opgelegd door een nieuwe gewestelijke entiteit van het Vlaams Ministerie van Leefmilieu, Natuur en Energie. Voor milieu-inbreuken, die niet strafrechtelijk kunnen worden vervolgd, bestaat die sanctie in een exclusieve bestuurlijke geldboete. Die bedraagt maximaal 50.000 Euro, te verhogen met de normale opdeciemen voor strafrechtelijke geldboeten. Bij milieumisdrijven legt de gewestelijke entiteit een alternatieve administratieve geldboete op, indien de procureur des Konings binnen 180 dagen na de vaststelling van een milieumisdrijf bij proces-verbaal beslist af te zien van een strafrechtelijke aanpak. Deze alternatieve administratieve geldboete kan oplopen tot 250.000 Euro, eveneens te vermenigvuldigen met 5,5 voor de opdeciemen.
    Beslist de gewestelijke entiteit een geldboete op te leggen, dan kan de betrokkene beroep aantekenen bij een nieuw Vlaams administratief rechtscollege, het Milieuhandhavingscollege. Tegen uitspraken van dit rechtscollege staat enkel nog cassatieberoep bij de Raad van State open.
    De harmonisatie van de regels inzake milieuhandhaving is op zich een verdienstelijke zaak, zeker wanneer de decreetgever die gelegenheid aangrijpt om eens stil te staan bij de noodzaak van een aantal strafbepalingen. Vraag is of de voorgestelde piste van administratieve geldboeten daadwerkelijk een “depenalisering” inhoudt. In tegenstelling tot administratieve geldboete in sociaal strafrecht, zijn de bestuurlijke maximumgeldboeten immers enorm hoog. Bovendien zijn de opdeciemen op hen van toepassing. Daardoor zouden ze naar Straatburgse normen veeleer als strafsancties kunnen worden aanzien, wat betekent dat ze met de waarborgen van art. 6 E.V.R.M. moeten worden omkleed. Een beroep bij een administratief rechtscollege is dan wellicht onvoldoende.
    Aan de kant van de handhavingsactoren betekent de creatie van een Vlaamse Hoge Raad voor de Milieuhandhaving hopelijk het begin van een broodnodige betere communicatie en coördinatie van de handhaving. Vandaag loopt die communicatie in sommige gerechtelijke arrondissementen serieus mank, onder meer door het grote aantal verschillende actoren.
    Wat het Milieuhandhavingscollege betreft, is het afwachten of de Raad van State geen bezwaar heeft tegen de oprichting van een nieuw administratief rechtscollege. Behoort de oprichting ervan tot de impliciete bevoegdheden van de gewesten? Zijn betwistingen over de oplegging van een administratieve geldboete wel geschillen over “politieke rechten”? Tot slot zou de Raad van State een probleem kunnen zien in de bestuurlijke maatregelen, die niet kunnen worden aangevochten bij het Milieuhandhavingscollege en waarvan de precieze inhoud en omvang voor sommige (zoals de bestuursdwang) nog niet helemaal duidelijk zijn.
    Klik hier voor de persmededeling over het voorontwerp. (pdf)
  • V. Franssen
    "Voorstel van Milieustrafrechtrichtlijn"

    In navolging van het milieustrafrechtarrest van het Hof van Justitie (zie hieronder), heeft de Europese Commissie een voorstel van Richtlijn Milieustrafrecht uitgewerkt. Deze voorgestelde richtlijn vertoont inhoudelijk veel gelijkenissen met het vernietigde kaderbesluit van de Raad. Het grote verschil is dat de richtlijn een instrument van de eerste pijler van de EU is, terwijl een kaderrichtlijn binnen de derde pijler wordt aangenomen. Een richtlijn wordt via de co-decisieprocedure (i.p.v. unanimiteit binnen de Raad) aangenomen, waardoor het Europees Parlement inspraak heeft bij de totstandkoming ervan. Daarnaast is de rechtelijke controle van het Hof van Justitie binnen de eerste pijler veel uitgebreider.
    Het voorstel van richtlijn omvat een gedeeltelijke harmonisatie van een aantal milieumisdrijven en hun sancties. Het gaat enkel om zware milieumisdrijven die de dood of ernstige schade aan mens of milieu (kunnen) veroorzaken. Deze harmonisatie is volgens de Commissie nodig om te komen tot een effectievere afdwinging van het EG-milieurecht. Dit kan voor de opgesomde misdrijven enkel via het strafrecht. Voor rechtspersonen geeft de Commissie de lidstaten niettemin de vrijheid om te kiezen voor administratiefrechtelijke handhaving, op voorwaarde dat de sancties doeltreffend, proportioneel en ontradend zijn. Niet alle lidstaten kennen immers een strafrechtelijke verantwoordelijkheid van rechtspersonen.
    Een groot deel van de geviseerde milieumisdrijven zijn al het voorwerp van Europese regelgeving. Het lijkt echter niet uit te sluiten dat deze richtlijn ook effect zal hebben op ‘puur’ nationale milieuregelgeving. In het licht daarvan, kan men zich ook afvragen of de bestuurlijke aanpak van de Vlaamse decreetgever in het ontwerp van Milieuhandhavingsdecreet volledig verzoenbaar zal zijn met dit voorstel van Richtlijn milieustrafrecht.
    Meer informatie: voorstel van richtlijn (pdf) - persmededeling van de Europese Commissie.
     

Top