K.U.Leuven
CISG 25 Feb 2004

Case Identification

 

Date of Decision: 25 February 2004

Jurisdiction: Belgium

Tribunal: Rechtbank van Koophandel, Hasselt

Case Number: AR 04/601

Parties: I v. NV P

Seller’s Country: Netherlands (Plaintiff)

Buyer’s Country: Belgium (Defendant)

Goods Involved: ?

Judges: P. Vanhelmont, L. Claes, H. Eraly

Status: Unpublished

 

 

Classification of issues present

 

Application of CISG: Yes

CISG Provisions Applied: Arts. 1(1)(a), 61, 74 and 78

CISG provides for interests and damages, but does not determine amounts − Belgian law

Court cannot give period of grace to buyer, but in this case – seller agreed – period of grace permitted

 

Text of the Decision

 

in zake: A.R. 04/601

<I, vennootschap naar Nederlands Recht>, met zetel te 09351 VG LEEK, Nederland...;

aanleggende partij, verschijnende door meester F. Pexsters loco meester J. Andreux, advocaat te 1180 Ukkel...;

tegen:

<NV P>,

met vennootschapszetel te 3530 HOUTHALEN-HELCHTEREN...;

verwerende partij, verschijnende door meester L. Favoreel loco meester N. Tesseur, advocaat te 3500 Hasselt...;

volgt het vonnis.

Bij inleidend exploot van het ambt van gerechtsdeurwaarder M. Princen plaatsvervanger van F. Jennen gerechtsdeurwaarder te Hasselt, Kermt dd. 27 januari 2004 liet aanleggende partij dagvaarding uitreiken aan verwerende partij tot betaling van € 34.301,46 meer de moratoire intresten van 1 februari 2004 en de gerechtelijke intresten.

Het bedrag van € 34.301,46 is samengesteld, als volgt:

-         verschuldigde facturen                                                                                       € 30.266,00

-         intresten aan 10,5% volgens de wet van 02.08.02                                               € 1.008,86

-         schade volgens de wet van 02.08.02                                                                   € 3.026,60

      € 34.301,46

 

Ter zitting van 18 februari 2004 is meester F. Pexsters loco meester J. Andreux verschenen voor aanleggende partij; voor verwerende partij is meester L. Favoreel loco meester N. Tesseur verschenen; meester L. Favoreel heeft de eis niet betwist en gevraagd te mogen betalen met afkortingen in 6 maand; meester F. Pexsters gaat daarmee akkoord.

BEOORDELING

Het gaat ter zake om een internationale koop van roerende goederen.

Vermits de landen waar koper en verkoper gevestigd zijn op het ogenblik dat zij de verkoop sloten verdragstaten zijn van het Weens Koopverdrag dient de Belgische rechter dat verdrag toe te passen.

Het Weens Koopverdrag kent het principe van nalatigheidsintresten en schadebeding in haar art. 74 en 78 maar bepaalt de hoegrootheid niet.

Aanlegster zou zich slechts op de Belgische wet van 02.08.02 inzake de bestrijding van de betalingsachterstand bij handelstransacties en de daarin voorziene intresten en schadeloosstelling kunnen beroepen voor zo ver de Belgische wet de lex contractus zou zijgt. Dat is hier blijkbaar niet het geval.

Overigens zou aanlegster in dat geval geen recht hebben op een rechtsplegingsvergoeding.

Het gevorderde komt wel in aanmerking voor toekenning, maar dan op basis van art. 74 en 78 van het Weens Koopverdrag.

Hoewel overeenkomstig art. 61 van het Weens Koopverdrag aan de koper geen uitstel kan verlenen en indien de verkoper een recht uitoefent ter zake van een tekortkoming, lijkt de zaak hier anders, nu aanlegster met dit uitstel akkoord gaat.

De voorschriften van art. 2-30 tot 37 van de wet van 15 juni 1935, op het gebruik van de talen in gerechtszaken, werden nageleefd.

OM DEZE REDENEN,

beslist de rechtbank, na beraadslaging, op tegenspraak:

Zij verklaart de eis van aanleggende partij toelaatbaar en gegrond.

Zij veroordeelt verwerende partij om te betalen aan aanleggende partij de som van € 34.301,46, meer de gerechtelijke intresten aan 10,5% van 1 februari 2004 op € 30.266,00 en aan de gewone wettelijke intrestvoet op € 3.026,60 tot de dag van betaling.

Zij veroordeelt verwerende partij eveneens tot de kosten van het geding, vastgesteld door de rechtbank voor aanleggende partij op € 580,94 en niet vastgesteld voor verregende partij bij gebrek aan omstandige opgave van staat aan de rechtbank, in deze kosten zijn niet begrepen deze van de uitgifte en eventueel de gedwongen uitvoering van het vonnis.

Zij laat verweerster toe te betalen met € 6.000,00 per maand vanaf 1 maart 2004.

Zij zegt dat indien 1 betaling niet of niet tijdig betaald wordt gans het bedrag eisbaar is.

Zij verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad, zonder borgtocht en niettegenstaande alle verhaal.

(...)

K.U.Leuven - Claim Copyright © Katholieke Universiteit Leuven
Production: Thalia Kruger | Most recent update: 01-02-2012 | Disclaimer
URL: http://www.law.kuleuven.be