|
|
|
Case
Identification Date
of Decision: 18 February 2004 Jurisdiction:
Belgium Tribunal:
Rechtbank van Koophandel, Hasselt Case
Number: AR 04/495 Parties:
SPA G v. B NV Seller’s Country: Italy (Plaintiff) Buyer’s
Country: Belgium (Defendant) Goods
Involved: ? Judges: P.
Vanhelmont, M. Vanstraelen, L. Claes Status: Unpublished Classification
of issues present
Application
of CISG: Yes CISG
Provisions Applied: Arts. 1(1)(a), 61, 74 and 78 Interests
– principle known in the scheme of the CISG, but size not established Judge
may not grant period of grace to buyer Text
of the Decision In zake A.R.
04/495: <SPA G,
vennootschap naar Italiaans recht>, met
vennootschapszetel te I-20036 MEDA (ITALIE)..., aanleggende
partij, verschijnende door meester W. Descamps, advocaat te 3500 Hasselt...; tegen: <B NV>, met
vennootschapszetel te 3530 HOUTHALEN-HELCHTEREN, (HOUTHALEN)...; verwerende
partij, verschijnende door meester E. Driessen loco meester M. Bernaerts,
advocaat te 3700 Tongeren...; volgt het
vonnis. Verweerster
werd regelmatig gedagvaard bij exploot van het ambt van gerechtsdeurwaarder B.
Heines te Hasselt van 2 februari 2004. Ter zitting
van 11 februari 2004 is meester W. Descamps verschenen voor
aanleggende partij; voor verwerende partij is meester E. Driessen loco meester
M. Bernaerts verschenen; meester E. Driessen heeft de eis niet betwist en
gevraagd te mogen betalen met afkortingen, meester W. Descamps heeft zich
daartegen verzet. BEOORDELING Het gaat ter
zake om een internationale koop van roerende goederen. Vermits de
landen waar koper en verkoper gevestigd zijn op het ogenblik dat zij de verkoop
sloten verdragstaten zijn van het Weens Koopverdrag dient de Belgische rechter
dat verdrag toe te passen. Het Weens
Koopverdrag kent het principe van nalatigheidsintresten en schadebeding in haar
art. 74 en 78 maar bepaalt de hoegrootheid niet. Aanlegster zou
zich slechts op de Belgische wet van 2 augustus 2002 inzake de
bestrijding van de betalingsachterstand bij handelstransacties en de daarin
voorziene intresten en schadeloosstelling kunnen beroepen voor zo ver de
Belgische wet de lex contracten zou zijn. Dat is niet het geval. Het in dat
verband gevorderde komt nochtans wel in aanmerking voor toekenning op basis van
art. 74 en 78 van het Weens Koopverdrag. Overeenkomstig art. 61
van het Weens Koopverdrag kan de rechter aan de koper geen uitstel verlenen
indien de verkoper een recht uitoefent ter zake van een tekortkoming. De
voorschriften van art. 2-30 tot 37 van de wet van 15 juni 1935, op het gebruik
van de talen in gerechtszaken, werden nageleefd. OM DEZE
REDENEN, beslist de
rechtbank, na beraadslaging, op tegenspraak: Zij verklaart
de eis van aanleggende partij toelaatbaar en gegrond. Zij
veroordeelt verwerende partij om te betalen aan aanleggende partij de som van
€ 2.898,50, meer de nalatigheidsintresten aan 10% op € 2.640,00
van 2 november 2003 tot 29 december 2003 en op € 2.898,50
van 29 december 2003 tot de datum van dagvaarding, vanaf dan
gerechtelijke intresten aan 10% op € 2.898,50 tot de dag van betaling. Zij
veroordeelt verwerende partij eveneens tot de kosten van het geding, vereffend
in hoofde van aanleggende partij op € 554,95 en in hoofde van verwerende
partij niet vereffend bij gebrek aan afgifte van omstandige opgave van staat aan
de rechtbank, in deze zijn niet begrepen deze van de uitgifte en eventueel de
gedwongen uitvoering van het vonnis. Zij verklaart
dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad, zonder borgtocht en niettegenstaande alle
verhaal. (...) | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
![]() |
Copyright © Katholieke Universiteit Leuven
Production: Thalia Kruger | Most recent update: 08-02-2010 | Disclaimer URL: http://www.law.kuleuven.be |