Bibliografie
Sven Mosselmans
- S. MOSSELMANS, “De termijn voor het instellen van het incidenteel hoger beroep in echtscheidingszaken”, noot onder Cass. 4 januari 1996, R.W. 1996-97, 533-537;
- S. MOSSELMANS, “De interpretatie van legaten: de ‘favor testamenti’ en de stelregel ‘potius ut valeat’ versus de ‘wil van de testator’”, noot onder Gent 29 september 1995, R.W. 1996-97, 819-823;
- S. MOSSELMANS, “De appreciatiebevoegdheid van de rechter in het kader van art. 224 B.W.”, noot onder Rb. Gent 25 januari 1996, R.W. 1996-97, 1091-1097;
- S. MOSSELMANS, “Het hoogstpersoonlijk karakter van het geschil op basis van art. 223 B.W.”, noot onder Vred. Genk 18 juli 1995, E.J. 1997, 13-16;
- S. MOSSELMANS, “De persoonlijke verschijning der echtgenoten in het kader van de procedure ‘dringende voorlopige maatregelen’ (art. 223 B.W.)”, E.J. 1997, 98-108;
- S. MOSSELMANS, “Het huwelijksvermogensrechtelijk statuut van gelden gedeponeerd op een bankrekening”, N.F.M. 1997, 249-270;
- S. MOSSELMANS, “Commentaar bij art. 907 B.W.”, in Comm. Erf., Mechelen, Kluwer, 1997, 30 p.;
- S. MOSSELMANS, “Een evolutie op het terrein van het ouderlijk gezag, het omgangsrecht, het hoorrecht van minderjarigen en het recht op informatie van ouders en hun minderjarige kinderen: het E.V.R.M., ‘the Recommendation on parental responsibilities’ en het I.V.R.K. als leidraad?”, T.P.R. 1997-2, 543-646 (bekroond met de T.P.R.-prijs 1997);
- S. MOSSELMANS, “De tenuitvoerlegging van de in het kader van een echtscheiding door onderlinge toestemming gesloten familierechtelijke overeenkomst”, noot onder Vred. Oostende II 29 februari 1996, A.J.T. 1997-98, 250-253;
- S. MOSSELMANS, “De aanstelling van de instrumenterende notaris(sen) in het kader van de vereffening-verdeling van het huwelijksvermogensstelsel”, noot onder Brussel 20 december 1995, R.W. 1997-98, 16-17;
- S. MOSSELMANS, “De aanvraag van de preferentiële toewijzing overeenkomstig art. 1447 B.W.”, noot onder Brussel 2 april 1996, R.W. 1997-98, 19-21;
- S. MOSSELMANS, “De kennisgeving van de beschikking ‘dringende voorlopige maatregelen’ (art. 223 B.W.) en de termijnen ven verzet en van hoger beroep”, noot onder Cass. 23 september 1996, R.W. 1997-98, 365-367;
- S. MOSSELMANS, “Het recht van preferentiële toewijzing overeenkomstig art. 1447 B.W. ten voordele van echtgenoten, vóór 28 september 1976 gehuwd onder een bedongen gemeenschapsstelsel”, noot onder Gent 11 maart 1996, R.W. 1997-98, 402-405;
- S. MOSSELMANS, “De vrije keuze van de boedelnotaris”, noot onder Vred. Roeselaere 28 mei 1996, R.W. 1997-98, 995-997;
- S. MOSSELMANS, “Adoptie en het voorbehouden erfdeel van de descendenten”, noot onder Cass. 31 oktober 1996, R.W. 1997-98, 1020-1021;
- S. MOSSELMANS, “Commentaar bij de (oude) artikelen 390, 395, 402, 405, 406, 407, 408, 409, 410, 411, 412, 413, 414, 415, 416, 418, 419, 420, 421, 422, 423, 424, 425, 426, 427, 428, 429, 430, 431, 432, 433, 434, 435, 436, 437, 438, 439, 440, 441, 442, 444, 445, 446, 447, 448 en 449”, in Comm. Pers., Mechelen, Kluwer, 1998, 288 p.;
- S. MOSSELMANS, “Het overgangsrecht m.b.t. het huwelijksvermogensrecht: een actuele stand van zaken”, in H. CASMAN (ed.), Huwelijksvermogensrecht, Topics, III, Mechelen, Kluwer, 1998, 73 p.;
- S. MOSSELMANS, “Commentaar bij art. 911 B.W.”, in Comm. Erf., Mechelen, Kluwer, 1998, 34 p. (co-auteur: M. COENE);
- S. MOSSELMANS, “Voorlopig bewind - Verkwisters en een bijstandsregeling”, noot onder Vred. Brakel 7 maart 1997, T. Vred., 1998, 354-362;
- S. MOSSELMANS, “De retroactiviteit van rechtsregels: invloed op het huwelijksvermogensrecht - Het overgangsrecht m.b.t. het huwelijksvermogensrecht: een actuele stand van zaken”, in De retroactiviteit van rechtsregels: een brede kijk op een actueel probleem, Studiedag Jura Falc. op 14 februari 1997, Leuven, Jura falconis libri, 1998, 59-117;
- S. MOSSELMANS, “De aanrekening van het in de loop van de echtscheidingsprocedure door de ene echtgenoot aan de andere betaalde onderhoudsgeld”, noot onder Gent, 25 september 1997, A.J.T. 1998-99, 105-114;
- S. MOSSELMANS, “De vermogensrechtelijke verhouding tussen de (gewezen) concubanten onderling”, noot onder Rb. Veurne, 12 maart 1992 en Gent, 13 november 1998, A.J.T., 1998-99, 1064;
- S. MOSSELMANS, “Vóór 6 juni 1987 geboren overspelige kinderen en hun onderzoek naar het overspelig vaderschap”, noot onder Cass. 19 september 1997, R.W. 1998-99, 436-440;
- S. MOSSELMANS, “Het ‘voorlopig’ karakter van de ‘dringende voorlopige maatregelen’ in de zin van artikel 223 B.W. en hun wijziging of intrekking overeenkomstig artikel 1253quater, e Ger.W.”, noot onder Vred. Sint-Gillis 10 november 1997, T. Vred. 1999, 263-277;
- S. MOSSELMANS, “Het huwelijksvermogensrechtelijk statuut van gelden gedeponeerd op een bankrekening”, in H. CASMAN (ed.), Huwelijksvermogensrecht, Topics, XVI, Mechelen, Kluwer, 1999, 40 p.;
- S. MOSSELMANS, “De werking in de tijd van artikel 1731 B.W. inzake plaatsbeschrijving”, noot onder Vred. Sint-Truiden 10 november 1998, T. Vred. 1999, 388-394;
- S. MOSSELMANS, “De kennisgeving van de beschikking ‘dringende voorlopige maatregelen’ (art. 223 B.W.) en de termijnen ven verzet en van hoger beroep”, noot onder Vred. Westerlo 23 juni 1996, A.J.T. 1999-00, 254-257;
- S. MOSSELMANS, “De appreciatie van de feitenrechter inzake verborgen koopvernietigende gebreken”, noot onder Brussel 17 december 1998, A.J.T. 1999-00, 884-885;
- S. MOSSELMANS, “Voorlopige maatregelen tijdens de echtscheidingsprocedure”, noot onder Vz. Rb. Brussel 23 juni 1999, A.J.T. 1999-00, 941;
- S. MOSSELMANS, “Bestaat er een persoonlijk recht op onderhoudsuitkering aan de zijde van gewezen samenwonenden?”, noot onder Vred. Roeselaere 29 juni 1999, T. Vred. 2000, 249-253;
- S. MOSSELMANS, “Het alleen optreden van de echtgenoot-handelaar om een vergoeding wegens uitzetting uit de gemeenschappelijke handelszaak te bekomen”, noot onder Vred. Sint-Kwintens-Lennik 8 november 1999, T. Vred. 2000, 259-261;
- S. MOSSELMANS, “Hoofddoekaffaire beslecht? Ja, maar... – Commentaar bij het eerste cassatiearrest dat zich ten gronde buigt over de aangevoerde schending van een ministeriële omzendbrief”, noot onder Cass. 22 december 2000, A.J.T. 2000-01, 589-596;
- S. MOSSELMANS, “Het toepasbare huwelijksvermogensrecht voor echtgenoten vóór 28 september 1976 gehuwd onder een bedongen gemeenschapsstelsel”, noot onder Brussel 3 oktober 2000, A.J.T. 2000-01, 931-937;
- S. MOSSELMANS, “De Wet van 23 november 1998 tot invoering van de wettelijke samenwoning en het gelijkheidsbeginsel - Creëert deze Wet een discriminatie tegenover de gehuwde personen?”, R.W. 2000-01, 1041-1048;
- S. MOSSELMANS, “Woord – wederwoord: Kan een echtgenoot, zonder de instemming van de andere echtgenoot, een zichtrekening openen, indien de bedoelde verrichting gepaard gaat met de aflevering van een kredietkaart?”, Jura Falc. 2000-01, (207), 212-227 (co-auteur: F. APS);
- S. MOSSELMANS, “De bewoning door een echtgenoot van een onverdeeld goed, dan wel een eigen goed van de andere echtgenoot – Kan de vrederechter, oordelend in het kader van artikel 223 B.W., een woonstvergoeding toekennen?”, noot onder Vred. Westerlo 10 januari 1997, T. Vred. 2001, 246-254;
- S. MOSSELMANS, “De werking in de tijd van de nieuwe verjaringswet”, noot onder Cass. 29 september 2000, T.B.B.R. 2001, 283-291;
- S. MOSSELMANS, “Tempering van de in beginsel verschuldigde woonstvergoeding in het kader van de vereffening-verdeling van een huwelijksgemeenschap na echtscheiding op grond van bepaalde feiten”, N.F.M. 2001, 69-86;
- S. MOSSELMANS, “De hulpverplichting van (gewezen) echtgenoten en de vereffening-verdeling van de huwelijksgemeenschap na echtscheiding op grond van bepaalde feiten”, in P. Senaeve (ed.), Onderhoudsgelden, Leuven, Acco, 2001, 253-336 (n.a.v. een dubbele studiedag inzake “Onderhoudsgelden” op 20 september 2000 te Leuven en op 11 oktober 2000 te Kortrijk);
- S. MOSSELMANS, “De hulpverplichting en de vereffening-verdeling na echtscheiding – De onderhoudsbijdrage door de ene echtgenoot verschuldigd ten behoeve van de andere echtgenoot gedurende de echtscheidingsprocedure op grond van bepaalde feiten en de aanrekening ervan in het kader van de op die echtscheiding volgende vereffening-verdeling”, in H. CASMAN (ed.), Huwelijksvermogensrecht, Topics, XI, Mechelen, Kluwer, 2001, 76 p.;
- S. MOSSELMANS, “De principiële vergoedingsverplichting voor het exclusieve gebruik van een onverdeeld goed (woonstvergoeding) en het declaratieve karakter van de uiteindelijke verdeling”, noot onder Cass. 4 mei 2001, E.J. 2001, 123-127;
- S. MOSSELMANS, “De toepasselijke wet inzake de betwisting van vaderschap”, noot onder Rb. Dendermonde 15 februari 2001, A.J.T. 2001-02, 97-100;
- S. MOSSELMANS, “Over de termijn voor het opstellen van de inventaris in het raam van de beneficiaire aanvaarding”, noot onder Antwerpen 22 september 1998, R.W. 2001-02, 349-350;
- S. MOSSELMANS, “In welke mate is een woonstvergoeding verschuldigd indien de voorzitter (art. 1280 Ger.W.) geen onderhoudsgeld bepaalt, maar wel een van beide echtgenoten machtigt te exclusieven titel de onverdeelde gezinswoning te betrekken?”, noot onder Antwerpen 26 juni 2001, A.J.T. 2001-02, 999-1001;
- S. MOSSELMANS, “Over de partijen bij een incidenteel hoger beroep”, noot onder Cass. 4 mei 2001, R.W. 2001-02, 377-379;
- S. MOSSELMANS, “Over de (on)ontvankelijkheid van niet te gepasten tijde opgeworpen ‘beweringen en zwarigheden’ in het kader van een vereffening-verdeling”, noot onder Cass. 29 november 2001, R.W. 2001-02, 1535-1538;
- S. MOSSELMANS, “Het incidenteel hoger beroep van degene die gedaagd wordt door een andere gedaagde in hoger beroep – De aansprakelijkheid van de stuwadoor voor het verlies van de hem toevertrouwde goederen”, noot onder Cass. 1 juni 2001, A.J.T. 2001-02, 362-370 (co-auteur: I. BOONE);
- S. MOSSELMANS, “Commentaar bij art. 807 Ger.W.”, in Comm. Ger., Mechelen, Kluwer, 2002, 55 p.;
- S. MOSSELMANS, “Droit transitoire relatif aux régimes matrimoniaux: un état actuel des choses”, in H. CASMAN (ed.), Régimes matrimoniaux, Thèmes, III, Mechelen, Kluwer, 2002, 66 p.;
- S. MOSSELMANS, “De werking van de voogdij inzake het vermogen”, in P. SENAEVE, J. GERLO en F. LIEVENS (eds.), De hervorming van het voogdijrecht, Antwerpen, Intersentia, 2002, 101-252 (n.a.v. een dubbele studiedag inzake “De nieuwe wet aangaande de voogdij” op 11 mei 2001 te Gent en op 16 mei 2001 te Leuven);
- S. MOSSELMANS, “Le devoir de secours et la liquidation-partage après le divorce – La pension alimentaire due par l’un des époux en faveur de l’autre époux durant la procédure en divorce pour cause déterminée et son estimation dans le cadre de la liquidation-partage qui suit ce divorce”, in H. CASMAN (ed.), Régimes matrimoniaux, Thèmes, III, Mechelen, Kluwer, 2002, 29 p.;
- S. MOSSELMANS, “Le statut de fonds déposés sur un compte bancaire en droit des régimes matrimoniaux”, in H. CASMAN (ed.), Régimes matrimoniaux, Thèmes, XVI, Mechelen, Kluwer, 2002, 42 p.;
- S. MOSSELMANS, “Stilzwijgende berusting en de openbare orde”, noot onder Cass. 25 april 2002, P & B 2002, 113-115;
- S. MOSSELMANS, “Het vereiste van ‘normale bewoonbaarheid’ en de toepassing van de Wet Breyne”, noot onder Rb. Leuven 29 september 1998 en Brussel 25 mei 1999, T.B.B.R. 2002, 599-601;
- S. MOSSELMANS, “Beweringen en zwarigheden inzake vereffening-verdeling: over de toepassing in de tijd van art. 1435 B.W. enerzijds, de zogeheten ‘woonstvergoeding’ anderzijds”, noot onder Cass. 27 april 2001, E.J. 2002, 8-15;
- S. MOSSELMANS, “De omzetting van een echtscheiding op grond van fout naar een echtscheiding op grond van feitelijke scheiding: een welgekomen ‘vereenvoudiging’ van de voorwaarden met het oog op ‘bespoediging’ van de procedure”, noot onder Cass. 18 april 2002, E.J. 2002, 73-80;
- S. MOSSELMANS, “Aanpassing van de vordering in de zin van artikel 807 Ger.W. – La modification de la demande dans le cadre de l’article 807 du C.J.”, in Jaarverslag van het Hof van Cassatie – Rapport de la Cour de Cassation, Brussel, Belgisch Staatsblad, 2002, p. 177-205 en 468-495;
- S. MOSSELMANS, “Cassatie opent poort voor schuldloze echtscheiding”, commentaar bij Cass. 18 april 2002, Juristenkrant 2002, nr. 52, p. 1 en 6 (zie ook: NjW 2002, 23);
- S. MOSSELMANS, “Commentaar bij de artikelen 389, 390, 391, 393, 394, 395, 396, 397, 398, 399, 400, 401, 402, 403, 404, 405, 406, 407, 408, 409, 410, 411, 413, 414, 415, 416, 418 en 419 B.W.”, in Comm. Pers., Mechelen, Kluwer, 2002, 357 p.;
- S. MOSSELMANS, “De aansprakelijkheid van de overheid voor haar loodsdiensten”, noot onder Cass. 28 februari 2002, R.W. 2002-03, 20-23;
- S. MOSSELMANS, “De positie van de onderverkrijger van een lichamelijk roerend goed bij faillissement”, noot onder Cass. 31 januari 2002, R.W. 2002-03, 984-986;
- S. MOSSELMANS, “De toepassing van art. 807 Ger.W. in hoger beroep”, noot onder Cass. 29 november 2002, R.W. 2002-03, 1299-1302;
- S. MOSSELMANS, Praktijkboek familiaal vermogensrecht, Leuven, Universitaire Pers, 2003, 562 p. (co-auteurs: W. PINTENS en K. VANWINCKELEN);
- S. MOSSELMANS, “Het dwingende karakter van art. 14, eerste lid van de Handelshuurwet”, noot onder Cass. 21 maart 2003, T.B.O. 2003, 159-169;
- S. MOSSELMANS, “Het machtigingsvereiste in de zin van artikel 410 B.W.”, Cahier ABG 2004, Gent, Larcier, 2003, 111 p.;
- S. MOSSELMANS, “Ouderlijk goederenbeheer na de nieuwe voogdijwetgeving”, N.F.M. 2003, 177-198;
- S. MOSSELMANS, “Over de handelingsonbekwaamheid van de wettelijk onbekwame strafrechtelijk veroordeelde”, noot onder Cass. 2 juni 2000, T.B.B.R. 2003, 41-44;
- S. MOSSELMANS, “Is een geschil omtrent de verdeling van een geldsom ‘onsplitsbaar’?”, noot onder Cass. 18 november 2002, P & B 2003, 140-143;
- S. MOSSELMANS, “Tegengestelde belangen in eerste aanleg als voorwaarde voor hoger beroep”, noot onder Cass. 10 oktober 2002, P & B 2003, 210-212;
- S. MOSSELMANS, “De veiligheidsverplichting van de gemeente met betrekking tot de wegen op haar grondgebied: in hoeverre ‘speelt’ het feit dat de gemeente de litigieuze gevaarstoestand kende of behoorde te kennen?”, noot onder Rb. Hasselt 18 april 2001, VKJ 2003, 209-210;
- S. MOSSELMANS, “Artikel 1268 Ger.W.: aanvullende vorderingen en tegenvorderingen tot echtscheiding worden niet als nieuwe vorderingen beschouwd”, noot onder Cass. 10 maart 2003, E.J. 2003, 94-100;
- S. MOSSELMANS, “Boekbespreking: J. Gerlo, Handboek voor familierecht 2 – Huwelijksvermogensrecht, Brugge, die Keure, 2001, 340 p.”, T.P.R. 2003, 890-893;
- S. MOSSELMANS, “Boekbespreking: D. Van Grunderbeeck, Beginselen van personen- en familierecht, een mensenrechtelijke benadering, Antwerpen, Intersentia, 2003, 763 p.”, T.P.R. 2003, 1282-1287;
- S. MOSSELMANS, “Boekbespreking: L. Weyts, A. Verbeke & E. Goovaerts (eds.) - Actualia Familiaal Vermogensrecht, Leuven, Universitaire pers, 2003, 372 p.”, T.P.R. 2003, 1288-1290;
- S. MOSSELMANS, “(bijgewerkte) Commentaar bij de artikelen 378, 389, 396, 398, 399 en 410 B.W.”, in Comm. Pers., Mechelen, Kluwer, 2003, 213 p.;
- S. MOSSELMANS, “Gerechtelijk interest telt niet mee bij het bepalen van de aanleggrens”, noot onder Cass. 19 februari 2004, R.W. 2003-04, 183-185;
- S. MOSSELMANS, “De verwijzingsverplichting in de zin van art. 1068, tweede lid Ger.W.”, noot onder Cass. 29 januari 2004, R.W. 2003-04, 339-342;
- S. MOSSELMANS, “Het machtigingsvereiste bij toegang voor de ouders tot gelden van hun minderjarige kinderen”, noot onder Vred. Gent (5de kanton) 9 september 2003, R.W. 2003-04, 829-831 (co-auteur: F. SWENNEN);
- S. MOSSELMANS, “De vergoeding voor verbouwingswerken inzake handelshuur”, noot onder Cass. 23 oktober 2003, R.W. 2003-04, 1345-1347;
- S. MOSSELMANS, “Voogdij”, in Algemene Praktische Rechtsverzameling, Mechelen, Kluwer, 2004, 555 p.;
- S. MOSSELMANS, “Het instellen van verscheidene vorderingen bij een zelfde verzoekschrift, wanneer de wet het slechts met betrekking tot één of bepaalde van die vorderingen toelaat”, noot onder Cass. 8 januari 2004, T. Vred. 2004, 340-348;
- S. MOSSELMANS, “Het gebrek van de ‘samengestelde’ zaak (art. 1384, eerste lid B.W.)”, noot onder Cass. 18 oktober 2001 en 17 januari 2003, T.B.B.R. 2004, 88-90;
- S. MOSSELMANS, “Het toepassingsgebied van artikel 2272, eerste lid B.W.”, noot onder Cass. 25 maart 2004, T.B.B.R. 2004, 430-431;
- S. MOSSELMANS, “Incidenteel hoger beroep inzake echtscheiding: geldt artikel 1054, eerste lid Ger.W. onverkort?”, noot onder Cass. 10 april 2003 en Brussel 27 mei 2003, E.J. 2004, 22-27;
- S. MOSSELMANS, “Hoger beroep tegen een gemengd tussenvonnis na het eindvonnis”, noot onder Cass. 11 maart 2004, P & B 2004, 63-65;
- S. MOSSELMANS, “Kan de appèlrechter de tenuitvoerlegging van het beroepen vonnis tegenhouden?”, noot onder Cass. 1 april 2004, T. Not. 2004, 594-596;
- S. MOSSELMANS, “Ouderlijk goederenbeheer anno 2003”, in S. MAERTENS en G. BENOIT (eds.), Actualia ouderlijk gezag, voogdij en voorlopig bewind – Actualités en matière d’autorité parentale, de tutelle et d’administration provisoire, Brugge, die Keure, 2004, 47-91;
- S. MOSSELMANS, “De aanpassing van de vordering in de zin van artikel 807 Ger.W.”, in Goed procesrecht – Goed procederen, XXIXste Postuniversitaire cyclus Willy Delva 2002-2003, Mechelen, Kluwer, 2004, 309-352;
- S. MOSSELMANS, “Boekbespreking: J. Laenens, K. Broeckx en D. Scheers, Handboek gerechtelijk recht, Antwerpen, Intersentia, 2004, 691 p.”, T.P.R. 2004, 2071-2074;
- S. MOSSELMANS, “Boekbespreking: X (ed.), Mélanges Jacques van Compernolle, Brussel, Bruylant, 2004, 900 p.”, T.P.R. 2004, 2074-2076;
- S. MOSSELMANS, “Hypothecair gewaarborgde interesten in geval van verkoop uit de hand van een onroerend goed bij collectieve schuldenregeling”, noot onder Cass. 15 oktober 2004, T. Not. 2004, 685-689 en T. Not. 2005, 21-25;
- S. MOSSELMANS, “Het vereiste van ondertekening van het verzoekschrift tot homologatie van het gewijzigde huwelijksvermogensstelsel”, noot onder Cass. 20 oktober 2004, R.W. 2004-05, 1300-1301;
- S. MOSSELMANS, “Overeenkomst tot verkoop in het raam van de gerechtelijke vereffening-verdeling”, noot onder Cass. 26 november 2004, R.W. 2004-05, 1352-1353;
- S. MOSSELMANS, “Tussenvorderingen in het gerechtelijk privaatrecht”, R.W. 2004-05, 1601-1611;
- S. MOSSELMANS, “De tussenvordering waarbij tussen reeds in het geding zijnde partijen voor het eerst in hoger beroep een procesverhouding wordt gecreëerd”, noot onder Cass. 29 oktober 2004, R.W. 2004-05, 1618-1619;
- S. MOSSELMANS, “Topic 33: Onherroepelijkheid van de schenking/Principe”, in A. VERBEKE, F. BUYSSENS en H. DERYCKE (eds.), Handboek Estate Planning 2 – Vermogensplanning met Effect bij Leven – Schenking, Brussel, De Boeck & Larcier, 2005, 173-178;
- S. MOSSELMANS, “Het overgangsrecht m.b.t. het huwelijksvermogensrecht: een actuele stand van zaken”, in H. CASMAN (ed.), Huwelijksvermogensrecht, Topics, III, Mechelen, Kluwer, 2005, 84 p.;
- S. MOSSELMANS, “Erfkeuze m.b.t. de aan een handelingsonbekwame toegevallen nalatenschap, een algemeen legaat of een legaat onder algemene titel”, T.E.P. 2005/2, 70-86;
- S. MOSSELMANS, noot onder Vred. Brugge (4de kanton) 6 september 2004, T. Vred. 2005, 504;
- S. MOSSELMANS, “Topic 34: Onherroepelijkheid van de schenking/Schenkingen tussen echtgenoten”, in A. VERBEKE, F. BUYSSENS en H. DERYCKE (eds.), Handboek Estate Planning 2 – Vermogensplanning met Effect bij Leven – Schenking, Brussel, De Boeck & Larcier, 2005, 179-184;
- S. MOSSELMANS, “De verkoop van een goed van een handelingsonbekwame”, N.F.M. 2005, 86-103;
- S. MOSSELMANS, “Uitvoering door de handelsverhuurder van zijn voornemen tot wederopbouw”, noot onder Cass. 25 februari 2005, T.B.B.R. 2005, 622-626;
- S. MOSSELMANS, “Verhindering van de gerechtsdeurwaarder bij vaststelling van overspel”, noot onder Cass. 4 februari 2005, E.J. 2005, 36-38;
- S. MOSSELMANS, “Incidenteel hoger beroep dat de wijziging van de staat van personen in vraag stelt: voorstel tot aanpassing van artikel 1054, tweede lid Ger.W.”, E.J. 2005, 108-109;
- S. MOSSELMANS, “Commentaar bij art. 12 Ger.W.”, in Comm. Ger., Mechelen, Kluwer, 2005, 7 p.;
- S. MOSSELMANS, “Commentaar bij art. 13 Ger.W.”, in Comm. Ger., Mechelen, Kluwer, 2005, 19 p.;
- S. MOSSELMANS, “Commentaar bij art. 14 Ger.W.”, in Comm. Ger., Mechelen, Kluwer, 2005, 26 p.;
- S. MOSSELMANS, “Commentaar bij art. 15 Ger.W.”, in Comm. Ger., Mechelen, Kluwer, 2005, 8 p.;
- S. MOSSELMANS, “Commentaar bij art. 16 Ger.W.”, in Comm. Ger., Mechelen, Kluwer, 2005, 24 p.;
- S. MOSSELMANS, “Bevoegdheid van de vrederechter inzake handelshuur beperkt tot de huurrelatie”, noot onder Cass. 12 september 2005, T.B.B.R. 2005, 630-633;
- S. MOSSELMANS, “De voor het eerst in hoger beroep ingestelde tegenvordering”, noot onder Cass. 22 januari 2004, R.W. 2005-06, 424-428 (co-auteur: Ph. THION);
- S. MOSSELMANS, “Het tenietgaan van de verkochte zaak en het lot van de overige, niet op deze zaak slaande verbintenissen van de verkoopovereenkomst”, noot onder Cass. 4 februari 2005, R.W. 2005-06, 587-589;
- S. MOSSELMANS, “Bewijsrisico bij de op een misdrijf gesteunde vordering”, noot onder Cass. 7 maart 2005, R.W. 2005-06, 786-787;
- S. MOSSELMANS, “Gevolgen van de herroeping van een schenking in de verhouding tussen de schenker en de begiftigde”, noot onder Cass. 10 november 2005, R.W. 2005-06, 1180-1181;
- S. MOSSELMANS, “De in artikel 1068, tweede lid Ger.W. bedoelde verwijzing is verplicht”, noot onder Cass. 5 januari 2006, R.W. 2005-06, 1264-1265;
- S. MOSSELMANS, “Gelijke waarborg- en proceduretermijn voor alle ernstige gebreken in de zin van de artikelen 1792 en 2270 B.W.”, noot onder Cass. 2 februari 2006, R.W. 2005-06, 1590-1591;
- S. MOSSELMANS, “Tussenvorderingen in het civiele geding”, T.P.R. 2006, 1263-1325;
- S. MOSSELMANS, “Inbreng van bouwgrond en het recht van terugname in de zin van art. 1455 B.W.”, in W. PINTENS en J. DU MONGH, Patrimonium 2006, Antwerpen, Intersentia, 2006, 339-348;
- S. MOSSELMANS, “Het lot van tegenbrieven bij echtscheiding door onderlinge toestemming”, in W. PINTENS en J. DU MONGH, Patrimonium 2006, Antwerpen, Intersentia, 2006, 405-419;
- S. MOSSELMANS, “Gevolgen van een gebrekkige opgave van de maatschappelijke zetel van een buitenlandse rechtspersoon als procespartij”, noot onder Cass. 16 februari 2006, P & B 2006, 122-123;
- S. MOSSELMANS, “Commentaar bij art. 322 Ger.W.”, in Comm. Ger., Mechelen, Kluwer, 2006, 14 p.;
- S. MOSSELMANS, “Herwerkte commentaar bij art. 807 Ger.W.”, in Comm. Ger., Mechelen, Kluwer, 2006, 77 p.;
- S. MOSSELMANS, “Commentaar bij art. 808 Ger.W.”, in Comm. Ger., Mechelen, Kluwer, 2006, 25 p.;
- S. MOSSELMANS, “Commentaar bij art. 809 Ger.W.”, in Comm. Ger., Mechelen, Kluwer, 2006, 11 p.;
- S. MOSSELMANS, “Commentaar bij art. 810 Ger.W.”, in Comm. Ger., Mechelen, Kluwer, 2006, 6 p.;
- S. MOSSELMANS, “Commentaar bij art. 811 Ger.W.”, in Comm. Ger., Mechelen, Kluwer, 2006, 10 p.;
- S. MOSSELMANS, “Commentaar bij art. 813 Ger.W.”, in Comm. Ger., Mechelen, Kluwer, 2006, 6 p.;
- S. MOSSELMANS, “Commentaar bij art. 814 Ger.W.”, in Comm. Ger., Mechelen, Kluwer, 2006, 4 p.;
- S. MOSSELMANS, “Vervanging van een verhinderde rechter bij toepassing van artikel 322 Ger.W.”, noot onder Cass. 23 februari 2006, T.B.H. 2006, 563-567;
- S. MOSSELMANS, “Schuldvraag bij beoordeling van hulp- en bijdrageverplichting tussen echtgenoten”, noot onder Cass. 22 december 2006, R.W. 2006-07, 1154-1157;
- S. MOSSELMANS, “Verkoop van een onverdeeld aandeel in een nalatenschapsgoed”, noot onder Cass. 22 december 2006, R.W. 2006-07, 1412-1413;
- S. MOSSELMANS, “Opgave van gedingkosten”, noot onder Cass. 5 januari 2007, R.W. 2006-07, 1645;
- S. MOSSELMANS, “Onzorgvuldig gemaakte expertisekosten”, noot onder Pol. Gent 5 januari 2004, R.W. 2006-07, 1655-1656;
- S. MOSSELMANS, “Omslaan van gedingkosten”, noot onder Pol. Gent 27 juni 2005, R.W. 2006-07, 1657;
- S. MOSSELMANS, “Commentaar bij art. 812 Ger.W.”, in Comm. Ger., Mechelen, Kluwer, 2007, 38 p.;
- S. MOSSELMANS, “Knelpunten handelshuur – Perspectief van de magistraat”, in B. TILLEMAN, K. VANHOVE en A. VERBEKE (eds.), Knelpunten handelshuur, Antwerpen, Intersentia, 2007, 35-95;
- S. MOSSELMANS, “Herstelverplichting na herroeping van een (gewone) schenking”, in J. DU MONGH, Patrimonium 2007, Antwerpen, Intersentia, 2007, 281-297;
- S. MOSSELMANS, “Les contre-lettres dans le divorce par consentement mutuel”, noot onder Cass. 15 mei 2006, Div. 2007, 65-73;
- S. MOSSELMANS, “Het sluiten van een aannemingsovereenkomst door een minderjarige”, O.G.P. 2007, III-Bbis, 26 p.;
- S. MOSSELMANS, “Handelshuurprijsherziening”, noot onder Cass. 8 januari 2007, T.B.B.R. 2007, 380-386;
- S. MOSSELMANS, Les aliments entre époux durant l’instance en divorce – Évaluation, imputation et indemnité d’occupation, Kluwer, Waterloo, 2007, 151 p.;
- S. MOSSELMANS, “Onderhoudsbijdrage tussen echtgenoten in echtscheiding: begroting, aanrekening en woonstvergoeding”, in W. PINTENS en J. DU MONGH (eds.), Themis-cahier Familiaal vermogensrecht, Brugge, die Keure, 2007, 47-76;
- S. MOSSELMANS, “Onderhoudsbijdrage tussen echtgenoten in echtscheiding: begroting, aanrekening en woonstvergoeding”, in H. CASMAN (ed.), Huwelijksvermogensrecht, Topics, XI, Mechelen, Kluwer, 2007, 133 p.;
- S. MOSSELMANS, Onderhoudsbijdrage tussen echtgenoten in echtscheiding: begroting, aanrekening en woonstvergoeding, Brussel, De Boeck & Larcier, 2007, 141 p.;
- S. MOSSELMANS, “Provisionele onderhoudsuitkering na echtscheiding”, noot onder Cass. 30 maart 2007, T. Fam. 2007, 211-214;
- S. MOSSELMANS, “Tegenbrieven bij echtscheiding door onderlinge toestemming”, noot onder Cass. 15 mei 2006, T.B.B.R. 2007, 24-31;
- S. MOSSELMANS, “Tussenvorderingen in het civiele geding”, in Algemene Praktische Rechtsverzameling, Mechelen, Kluwer, 2007, 342 p.;
- S. MOSSELMANS, “Vaderschapstest weigeren kan tot vaderschap leiden”, commentaar bij Gent 23 januari 2003, 27 mei 2004 en 8 juni 2006, Juristenkrant 2007, nr. 142, 1;
- S. MOSSELMANS, “Vergoeding voor de ingevolge vervreemding uitgezette handelshuurder”, noot onder Cass. 22 december 2006, T.B.B.R. 2007, 168-172;
- S. MOSSELMANS, “Geen recht van voorkoop voor de pachter in geval van bouwklare gronden”, noot onder Cass. 29 juni 2006, T. Not. 2007, 231-237;
- S. MOSSELMANS, “Deux principes généraux du droit issus du droit national et du droit communautaire: l’enrichissement sans cause ou l’enrichissement injustifié et l’interdiction de l’abus de droit (Twee algemene rechtsbeginselen naar nationaal en gemeenschapsrecht: de rechtsvordering op grond van vermogensverschuiving zonder oorzaak of de ongerechtvaardigde verrijking en het verbod van rechtsmisbruik)”, Actes du colloque pour de cinquantième anniversaire des traités de Rome, Luxemburg, E.U., 2007, 95-126 (co-auteurs: G. LONDERS en A. BOSSUYT);
- S. MOSSELMANS, “Boekbespreking: V.C.A. Lindijer, De goede procesorde – Een onderzoek naar de betekenis van de goede procesorde als normatief begrip in het burgerlijk procesrecht, Deventer, Kluwer BV, 2006, 693 p.”, R.W. 2007-08, 760;
- S. MOSSELMANS, “Boekbespreking: K. Wagner, Sancties in het burgerlijk procesrecht”, R.W. 2007-08, 1135-1136;
- S. MOSSELMANS, “Geen nieuwe procesverhouding in hoger beroep”, noot onder Antwerpen 10 mei 2007, R.W. 2007-08, 1159-1162;
- S. MOSSELMANS, “Boekbespreking: R. Dekkers, A. Verbeke, N. Carette en K. Vanhove, Handboek Burgerlijk Recht, III, Verbintenissen – Bewijsleer – Gebruikelijke contracten, Antwerpen, Intersentia, 2007, 820 p.”, T.B.O. 2008, 39-40;
- S. MOSSELMANS, “Herroeping van een contractuele erfstelling wegens ondankbaarheid”, noot onder Cass. 9 februari 2007, T. Not. 2008, 33-35;
- S. MOSSELMANS, “Invulling dan wel bijsturing van de motiveringsverplichting teneinde de gerechtelijke achterstand te verhelpen – Interprétation ou adaptation de l’obligation de motivation en vue de lutter contre l’arriéré judiciaire”, in Jaarverslag van het Hof van Cassatie – Rapport de la Cour de Cassation, Brussel, Belgisch Staatsblad, 2008, p. 225-276 en 212-262;
- S. MOSSELMANS, “Herwerkte commentaar bij art. 907 Ger.W.”, in Comm. Ger., Mechelen, Kluwer, 2008, 34 p.;
- S. MOSSELMANS, “Boekbespreking: D. Scheers en P. Thiriar, Het gerechtelijk recht in de hoogste versnelling?, Antwerpen, Intersentia, 2007, 222 p.”, R.W. 2008-09, 255;
- S. MOSSELMANS, “Boekbespreking: P. Marchal, Les incapables majeurs, Brussel, De Boeck & Larcier, 2007, 410 p.”, R.W. 2008-09, 342-343;
- S. MOSSELMANS, “Boekbespreking: Departement vorming en opleiding van de orde van Advocaten van de balie te Kortrijk (ed.) – R. Bauwens (red.), Het onroerend goed in de verschillende takken van het recht, Gent, Larcier, 2008, 448 p.”, R.W. 2008-09, 1407-1408;
- S. MOSSELMANS, “Herleiding van de vordering zonder conclusie”, noot onder Cass. 12 juni 2008, R.W. 2008-09, 1470-1471;
- S. MOSSELMANS, “Enkel een duidelijk akkoord kan het debat in rechte beperken”, noot onder Cass. 9 mei 2008, R.W. 2008-09, 1765-1766;
- S. MOSSELMANS, “Boekbespreking: L. Collon, Le statut juridique de l’agent immobilier, Brussel, Larcier, 2008, 498 p.”, R.W. 2008-09, 1535;
- S. MOSSELMANS, “(Herwerking) Topic 37: Onherroepelijkheid van de schenking/Principe”, in A. VERBEKE, F. BUYSSENS en H. DERYCKE (eds.), Handboek Estate Planning 2 – Vermogensplanning met Effect bij Leven – Schenking, Brussel, De Boeck & Larcier, 2009, 205-211;
- S. MOSSELMANS, “(Herwerking) Topic 38: Onherroepelijkheid van de schenking/Schenkingen tussen echtgenoten”, in A. VERBEKE, F. BUYSSENS en H. DERYCKE (eds.), Handboek Estate Planning 2 – Vermogensplanning met Effect bij Leven – Schenking, Brussel, De Boeck & Larcier, 2009, 213-219;
- S. MOSSELMANS, “Invulling dan wel bijsturing van de motiveringsverplichting teneinde de gerechtelijke achterstand te verhelpen”, Ius & Actores 2009, 73-125;
- S. MOSSELMANS, Praktijkboek familiaal vermogensrecht, Antwerpen, Intersentia, 2009, 559 p. (co-auteurs: W. PINTENS en Ch. DECLERCK);
- S. MOSSELMANS, “De eed tot aanvulling van een schriftelijk bewijs van betaling”, noot onder Vred. Neerpelt-Lommel 3 november 2008, R.W. 2009-10, 206;
- S. MOSSELMANS, “Indeplaatsstelling in afwachting van de doorhaling van de overschrijving van het eerdere beslag op onroerend goed”, noot onder Cass. 30 januari 2009, R.W. 2009-10, 488-490;
- S. MOSSELMANS, “Boekbespreking: J. Laenens, K. Broeckx, D. Scheers en P. Thiriar, Handboek gerechtelijk recht, Antwerpen, Intersentia, 2008 (tweede editie), 813 p.”, R.W. 2009-10, 856;
- S. MOSSELMANS, “Boekbespreking: V. Sagaert en G. Rommel (eds.), Appartementsrecht, Brugge, die Keure, 2008, 280 p.”, R.W. 2009-10, 943;
- S. MOSSELMANS, “Boekbespreking: C. Castelein, A. Verbeke en L. Weyts (eds.), Notariële actualiteit 2007-2008, Gent, Larcier, 2008, 284 p.”, R.W. 2009-10, 1023-1024;
- S. MOSSELMANS, “De taak van de appelrechter in kort geding bij gebrek aan urgentie”, noot onder Cass. 17 april 2009, R.W. 2009-10, 1777-1779;
- S. MOSSELMANS, “Herziening van de huurprijs”, in Handboek handelshuur, Brugge, die Keure, 2010, ter perse;
- S. MOSSELMANS, “Commentaar bij de artikelen 389-420 B.W. en 1232-1237 Ger.W.”, in Wetboek minderjarigen, Brussel, De Boeck & Larcier, 2010, ter perse;
- S. MOSSELMANS, “Boekbespreking: P. Beselaere, O. Lenaerts, B. Tilleman en A. Verbeke (eds.), Handboek Leasing, Brugge, die Keure, 2007, 728 p.”, T.B.O. 2010, ter perse;
- S. MOSSELMANS, “Boekbespreking: B. De Smet, Jeugdbeschermingsrecht in hoofdlijnen (derde editie), Antwerpen, Intersentia, 2010, 416 p.”, T.P.R. 2010, ter perse;
- S. MOSSELMANS, “Boekbespreking: M. Faure en W. Rauws (red.), Recente ontwikkelingen in het arbeids-, economisch, straf- en familierecht – Huldeboek voor mr. Jos VAN GOETHEM, Antwerpen, Intersentia, 2009, 309 p.”, T.P.R. 2010, ter perse;
- S. MOSSELMANS, “Etagegebouwen: opstal versus gedwongen mede-eigendom”, noot onder Cass. 3 april 2009, T.B.B.R. 2010, ter perse;
- S. MOSSELMANS, “Boekbespreking: M. CASTERMANS, Gerechtelijk privaatrecht, Gent, Story Publishers, 2009, 763 p”, R.W. 2010-11, ter perse;
- S. MOSSELMANS, “Hernieuwing van maatregelen in kort geding”, noot onder Cass. 18 februari 2010, R.W. 2010-11, ter perse.
