|
|
|
RONDSCHRIJVEN VAN HET DEPARTEMENT PROPAGANDA VAN HET CENTRALE COMITÉ VAN DE CHINESE COMMUNISTISCHE PARTIJ, DE OPPERSTE VOLKRECHTBANK, HET OPPERSTE VOLKSPARKET, HET MINISTERIE VAN OPENBARE VEILIGHEID EN HET MINISTERIE VAN JUSTITIE OVER HET ABSOLUUT VERHINDEREN DAT DE REACTIONAIRE PERS ONZE TERECHTSTELLING VAN MISDADIGERS GEBRUIKT VOOR HET VERSPREIDEN VAN GERUCHTEN EN LASTER(21 november 1984 verspreid) Aan de propaganda-afdelingen van de partijcomités, de hogere volksrechtbanken, de volksparketten, de departementen of bureaus van de openbare veiligheid en de departementen of bureaus van justitie van de provincies, gewesten met zelfbestuur en stadprovincies: Zoals onze partijvertegenwoordiger in de Chinese delegatie bij de Verenigde Naties(1) meldt: het Amerikaanse Newsweek van 8 october van dit jaar publiceerde fotos van de terechtstelling van misdadigers in het district Yangshuo in het gewest met zelfbestuur van de Zhuang-nationaliteit in de provincie Guangxi, en schreef bovendien op basis van het rapport(2) van Amnesty International een lasterlijk artikel dat wij in onze harde aanpak van crimineel gedrag gewetensgevangenen(3) en politieke gevangenen(4) vervolgen, wat een schending van de fundamentele rechten van de mens zou zijn. Daarvoor hadden de buitenlandse reactionaire pers en de reactionaire pers van Taiwan en Hong Kong ook al de uitvoering van de doodstraf in de nabijheid van belangrijke vervoerswegen en het aanplakken van het bericht van de terechtstelling van misdadigers in de hoofdstraten gebruikt om geruchten en laster te verspreiden. Derhalve om te voorkomen dat de reactionaire perspropaganda een reden zou worden gegeven voor loze praatjes, moeten voortaan overal in het land wanneer een misdadiger terecht wordt gesteld zorgvuldig de volgende regels worden nageleefd: 1. De plaats waar misdadigers worden geëexecuteerd, moet streng gecontroleerd worden. Met uitzondering van het gerechtelijk personeel dat volgens de wet de doodstraf moet uitvoeren, mag niemand tot de executieplaats worden toegelaten of fotos nemen van de uitvoering van de doodstraf. 2. De fotos die de gerechtelijke instanties hebben genomen omdat het werk dat vereiste, moeten nauwgezet worden beheerd. Het is streng verboden deze aan buitenstaanders door te geven(5). Ingeval de fotos verspreid worden en in handen komen van buitenstaanders om gebruikt te worden voor reactionaire propaganda, moet een onderzoek worden ingesteld naar de verantwoordelijkheid van de dader en de betrokken leidinggevende persoon. 3. De executieplaats mag niet in drukke stadswijken, langs belangrijke vervoerswegen of in de nabijheid van toeristische gebieden liggen. Het is niet toegestaan ter dood veroordeelden voor hun terechtstelling door de straten te voeren en aan het volk te tonen. 4. Berichten van de terechtstelling van misdadigers moeten intern(6) in de organen, organisaties en de werkeenheden van ondernemingen en instellingen aangeplakt worden, nooit en te nimmer mogen ze op pleinen of in stadswijken worden aangeplakt. 5. Het nieuws over de terechtstelling van misdadigers, hun aantal, en afbeeldingen uitvoering van de doodstraf mogen niet in propagandabladen, kranten en tijdschriften verschijnen, of op de radio worden uitgezonden of op de televisie verschijnen (7). De propaganda voor de strenge en harde aanpak van crimineel gedrag moet vooral gebeuren door het afschuwelijke misdrijf van de misdadiger te belichten, de ernstige en gerechtvaardigde eisen van het volk te weerspiegelen, en energiek de rechtvaardigheid, noodzakelijkheid en belangrijkheid van de strenge en harde aanpak van crimineel gedrag duidelijk te maken; verwijzen naar feiten die duidelijk voor zichzelf spreken, bekendheid geven aan de bemoedigende resultaten die zijn behaald op het gebied van de handhaving van de openbare veiligheid, het waarborgen van de staatsveiligheid, de bescherming van de belangen van het volk, de opvoeding en redding van personen die een misstap begingen en het streven naar de versterking van het fundament van de sociale moraal; zaken van binnenlandse contrarevolutionairen mogen in het algemeen niet in de krant komen; wanneer over andere criminele misdragingen wordt bericht, is het eveneens af te raden overdreven nadruk te leggen op hun politieke kleur.
1) de
Chinese term voor onze partijvertegenwoordiger in de Chinese delegatie bij de
V.N. is: wo dang zhu Lianheguo daibiaotuan
RONDSCHRIJVEN VAN DE OPPERSTE VOLKRECHTBANK, HET OPPERSTE VOLKSPARKET, HET MINISTERIE VAN OPENBARE VEILIGHEID EN HET MINISTERIE VAN JUSTITIE OVER HET ABSOLUUT VERBIEDEN VEROORDEELDEN VOOR HUN TERECHTSTELLING DOOR DE STRATEN TE VOEREN EN DEN VOLKE TE TONEN(21 november 1986 verspreid) Aan de hogere volksrechtbanken, de volksparketten, de departementen of bureaus van de openbare veiligheid en de departementen of bureaus van justitie van de provincies, gewesten met zelfbestuur en stadprovincies: De laatste jaren is overal in het land het gebruik om ter dood veroordeelde misdadigers voor hun terechtstelling door de straten te voeren en aan het volk te tonen reeds aanzienlijk afgenomen, wat een aanzienlijke vooruitgang betekent voor de beschaafde uitvoering van de wet. Maar er zijn nog een uiterst gering aantal plaatsen die, wanneer misdadigers onder escorte worden vervoerd om geëxecuteerd te worden, nog de handelwijze toepassen hen een plakkaat om te hangen en door de straten te voeren en aan het volk te tonen. Deze handelwijze beantwoordt niet aan de vereisten van de socialistische beschaving en heeft ook een slechte sociale weerslag, en moet absoluut gecorrigeerd worden. Artikel 155 lid 3 van onze Strafprocedurewet[1] stelt: de uitvoering van doodvonnissen wordt publiek aangekondigd, maar mag niet gebeuren in aanwezigheid van het publiek. Het «Rondschrijven over het absoluut verhinderen dat de reactionaire pers onze terechtstelling van misdadigers gebruikt voor het verspreiden van geruchten en laster» dat 21 november 1984 uitging van het Departement Propaganda van het Centrale Comité van de Chinese Communistische Partij, de Opperste Volksrechtbank, het Opperste Volksparket, het Ministerie van Openbare Veiligheid en het Ministerie van Justitie gezamenlijk, stelt eveneens: het is niet toegestaan ter dood veroordeelden voor hun terechtstelling door de straten te voeren en aan het volk te tonen. En stelt verder: de executieplaats mag niet in drukke stadswijken, langs belangrijke vervoerswegen of in de nabijheid van toeristische gebieden[2] liggen. De plaats waar misdadigers worden geëexecuteerd, moet streng gecontroleerd worden. Met uitzondering van het gerechtelijk personeel dat volgens de wet de doodstraf moet uitvoeren, mag niemand tot de executieplaats worden toegelaten of fotos nemen van de uitvoering van de doodstraf. Voortaan moet in het hele land de terechtstelling van ter dood veroordeelde misdadigers beslist nauwgezet in overeenstemming de Strafprocedurewet en andere voorschriften ter zake worden uitgevoerd. Het is absoluut verboden ter dood veroordeelde misdadigers door de straten te voeren en aan het volk te tonen. In het bijzonder in de opengestelde steden is het noodzakelijk daarop te letten om te vermijden dat het buitenland een slechte indruk krijgt.
1] Art.155 lid 3 Sv-1979 (art.212
lid 5 Sv-1996)
RONDSCHRIJVEN VAN DE OPPERSTE VOLKRECHTBANK, HET OPPERSTE VOLKSPARKET EN HET MINISTERIE VAN OPENBARE VEILIGHEID OM RESOLUUT TE STOPPEN MET VEROORDEELDE EN NOG NIET VEROORDEELDE MISDADIGERS DOOR DE STRATEN TE VOEREN EN DEN VOLKE TE TONEN(1 juni 1988 verspreid) Aan de hogere volksrechtbanken, de volksparketten en de departementen of bureaus van de openbare veiligheid van de provincies, gewesten met zelfbestuur en stadprovincies: Onlangs werden op enkele plaatsen veroordeelde en nog niet veroordeelde misdadigers door de straten gevoerd en aan het volk getoond. Een dergelijke handelwijze is in strijd met de wet, maakt in het binnen- en buitenland een slechte indruk, en moet beslist stoppen. Artikel 155 lid 3 van de Strafprocedurewet{1} stelt uitdrukkelijk: de uitvoering van doodvonnissen wordt publiek aangekondigd, maar mag niet gebeuren in aanwezigheid van het publiek. Het «Rondschrijven over het absoluut verhinderen dat de reactionaire pers onze terechtstelling van misdadigers gebruikt voor het verspreiden van geruchten en laster» dat 21 november 1984 uitging van het Departement Propaganda van het Centrale Comité van de Chinese Communistische Partij, de Opperste Volksrechtbank, het Opperste Volksparket, het Ministerie van Openbare Veiligheid en het Ministerie van Justitie gezamenlijk, onderstreepte: het is niet toegestaan ter dood veroordeelden voor hun terechtstelling door de straten te voeren en aan het volk te tonen. 24 juli 1986 hebben de Opperste Volksrechtbank, het Opperste Volksparket, het Ministerie van Openbare Veiligheid en het Ministerie van Justitie opnieuw een« Rondschrijven over het absoluut verbieden veroordeelden op weg naar hun terechtstelling door de straten te voeren en aan het volk te tonen» doen uitgaan, dat andermaal benadrukte: Het is absoluut verboden om ter dood veroordeelde misdadigers door de straten te voeren en aan het volk te tonen; en in het bijzonder in de opengestelde steden{2} is het noodzakelijk daar op te letten om te vermijden dat het buitenland een slechte indruk krijgt. Nu herhalen we nogmaals: overal in het land moeten de organen van de openbare veiligheid, de organen van het parket en de gerechtelijke organen zich strict voegen naar de Strafprocedurewet en andere desbetreffende voorschriften, en niet alleen is het niet toegestaan ter dood veroordeelde misdadigers door de straten te voeren en aan het volk te tonen, maar het is eveneens verboden andere veroordeelde of nog niet veroordeelde misdadigers of eender welke rechtsovertreder door de straten te voeren en aan het volk te tonen. Als zoiets zich nog eens voordoet, moet onmiddellijk worden ingegrepen en moet bovendien een onderzoek worden ingesteld naar de verantwoordelijkheid van het betrokken leidinggevend personeel.
1} Art.155 lid 3
Sv-1979 (art.212 lid 5 Sv-1996)
|